Tegenwoordig heeft ieder zichzelf respecterend medium een prominente weerman, maar in Nederland was Jan Pelleboer (1924-1992) de eerste. Pelleboer presenteerde zijn weersverwachting op geheel eigen wijze: licht van toon, makkelijk te behappen en met af en toe een kwinkslag: ‘Sluit het klaverblad… regen in het vat.’

 

‘Goedenavond, het nieuws van zaterdag 18 juli. Weerman Jan Pelleboer is in zijn woonplaats Paterswolde overleden aan een hartstilstand’, zegt Joop van Zijl. Als het NOS Journaal opent met jouw overlijden, dan ben je een hele grote meneer (geweest). Dat was Jan Pelleboer dan ook. Op geheel eigen wijze was Pelleboer vanuit zijn huis in Paterswolde, met die ietwat schelle stem en een accent dat het midden hield tussen Overijssels, Drents en Gronings, de wegbereider voor de Kuipers Munnekessen, Van Leursen, Woeis en Hiemstra’s van tegenwoordig.

Pelleboer is voor Piet Paulusma een voorbeeld

 Sterker nog: Pelleboer is voor bijvoorbeeld de afgelopen maart overleden Piet Paulusma een op en top voorbeeld. Pelleboer staat de Fries aan het begin van zijn carrière zelfs met raad en daad bij. ‘Vertel gewoon waar het op staat, maak het niet te ingewikkeld’, adviseert Pelleboer hem. En: ‘Er moet iets alledaags in het weerbericht. En trek je niets aan van kritiek. Blijf jezelf.’ Waar weermannen in het pre-Pelleboer-tijdperk nimmer in beeld verschijnen en het weer veelal brengen alsof ze de overlijdensberichten voorlezen, daar entertaint Pelleboer z’n gehoor. Moet ook wel, want behalve dat hij het weer verzorgt in tientallen kranten en bladen en op Radio Noord, doet hij dat ook in het populaire Vijftig pop of een envelop van Tom Mulder op Hilversum 3, en op tv bij Tros Aktua. Daarin kun je natuurlijk niet aankomen met louter een gortdroog weerbericht. Daarin horen af en toe wat grappen, grollen en gebbetjes. Óf een gekke weerspreuk, die Pelleboer dan ook met enige regelmaat in zijn voorspelling stopt.

Plonst en duikelt eend en gans, ja dan is er regenkans!

De mensen vinden het prachtig en snappen wat hij bedoelt. Ook is zijn gewoonte om de weersverwachting te waarderen met een cijfer een grote hit. Na Pelleboers ‘Ik geef het weekend een 8’, kun je met een gerust hart een barbecue organiseren. Drie jaar na het overlijden van De Pel verschijnt er een biografie over de excentrieke weerman. Het is van de hand van onder anderen Ab Odding, die samen met Pelleboer het Eelder weekblad Dorpsklanken volschrijft. ‘Voor Eelde staan de moord op Kennedy en de dood van Pelleboer op één lijn’, staat er in het voorwoord van het boek. Het is veelzeggend.

Populariteit heeft ook een keerzijde

Zijn populariteit heeft ook een keerzijde. Als Pelleboer in z’n eigen Eelde ongestoord van het bloemencorso wil genieten, voelt hij zich gedwongen om dat te doen met pet, zonnebril en plaksnor, omdat mensen hem anders om de haverklap aanschieten en een praatje willen maken. ‘Daarom zitten we ook heel vaak in Duitsland’, verklapt zijn vrouw Jannie. Want ‘in Bunde ist Pelleboer ganz unbekannt, haha.’ Maar: Jan Pelleboer is vooraleerst natuurlijk een kundig weerman. En waar Gerrit Hiemstra het tegenwoordig dagelijks aan de stok heeft met klimaatontkenners, daar maakt Pelleboer in zijn tijd ook af en toe al tijd vrij om weermythes te ontkrachten. Zo bereikt hem de bewering dat warme zomers vaak worden gevolgd door strenge winters. Een ander gevolg van zijn populariteit en markante verschijning: talloze persiflages, en niet van de minsten. Stemimitator Robert Paul doet hem na op een grammofoonplaatje, en wat denk je: hij behaalt met ‘t Kan vriezen, ‘t kan dooien de vijfde plaats in de top 40! André van Duin voorspelt als Pelleboer het weer middels het touwtje. Hoe het werkt? Heel simpel: ‘Als het waait, gaat-ie heen en weer. En als het regent wordt-ie nat.’ Lachen.

‘Nou, dat heb ik eens even uitgezocht’
 

‘Nou, dat heb ik eens even uitgezocht’, zegt Pelleboer tegen de camera, en wijst op een kaartje: ‘In de laatste tweehonderd jaar hadden we 28 warme zomers, met een etmaal gemiddelde van boven de 17 graden. Vervolgens kregen we elf keer een normale winter, negen keer een zachte, en acht keer een strenge. Dat betekent dat er geen enkel verband is tussen het karakter van een zomer en de daarop volgende winter.’ Zo. Jan Pelleboer heeft gesproken. Weer een verzinsel naar het rijk der fabelen verwezen.

Jan Hendrik Pelleboer wordt op 2 mei 1924 geboren in ’s Heerenbroek, tussen Kampen en Zwolle. Zijn vader is veehouder en Jantje is enig kind, maar reken maar niet op dat hij ’t bedrijf overneemt. Het boerenleven is niks voor hem. Jan Pelleboer, alias De Gekke Pelle, heeft meer belangstelling voor het weer, altijd gehad.
‘Ie’j mut niet zo in de lucht kieken, ’t wark ligt op de grond’, zei z’n moeder steeds maar weer. ‘Daar had ze wel gelijk in, maar een boer heeft nooit in me gezeten. Toen ik veertien was maakte ik al een soort bulletin dat ik elke dag tegen de muur van de caféschuur hing en waarop mensen konden lezen hoeveel het die nacht had gevroren en wat de barometerstand was’, aldus Pelleboer. In Kampen gaat hij naar de landbouwschool. Als hij tijdens de oorlogsjaren vlekken op de zon ziet en een brief schrijft naar het KNMI, is het eerst contact gelegd. Onmiddellijk na de oorlog wordt hij er assistent weerkundige en in 1946 komt hij in dienst bij Meteo Eelde als weerobservator.

Het bezoek van de Koningin en Prins aan Stad

Mooi verhaal uit 1950: op 21 juni van dat jaar bezoeken koningin Juliana en prins Bernhard Groningen en als onderdeel van die visite staat een rijtoer in een open calèche op het programma. Pelleboer voorziet echter een zware plensbui die de stad precies om 18:00 uur zal treffen. Hij klimt in de telefoon en kondigt het naderende onheil aan bij de politie. De plaatselijk hermandad treuzelt niet, en kort de rondrit in. Met recht, zo blijkt even na zessen, als een gigantisch noodweer de Groningse straten in een mum van tijd blank zet. Van de Groningse politie krijgt Pelleboer daarop een bedankbrief, maar van het KNMI een berisping. Hij heeft buiten het protocol om gehandeld, luidt het verwijt.

Vier jaar later houdt Pelleboer het voor gezien bij de meteorologische dienst. De nieuwe directeur vindt namelijk dat werknemers moeten afzien van nevenwerkzaamheden. Pelleboer piekert daar niet over. Hij heeft klanten genoeg om zichzelf te bedruipen, al moet hij aanvankelijk nog wel aan de slag als sportmedewerker van het Nieuwsblad van het Noorden. Van 1954 tot 1968 is hij aan het Zuiderdiep in Stad de chef uitslagendienst, die de uitslagen van het voorbije voetbalweekend verzamelt.

In totaal 42 opdrachtgevers

In de jaren zeventig, als de TROS hem ontdekt, neemt zijn carrière als freelance weerman een enorme vlucht. Het aantal media waaraan hij zijn weersvoorspelling leent is nauwelijks te turven. Van de Wereldomroep, Radio Noord, het Nieuwsblad van het Noorden en de Zwolse Courant, tot De Telegraaf, Story, de Boerderij en Elsevier – allemaal kunnen ze bij hem terecht voor een voorspelling. ‘In totaal heeft Jan 42 opdrachtgevers gehad’, zegt zijn vrouw Jannie, die de administratie doet, de facturen verstuurt en veel van z’n post beantwoordt. Op z’n toppunt bedient Pelleboer twintig opdrachtgevers tegelijkertijd. Een cameraploeg van TROS Aktua komt zelfs wekelijks naar Paterswolde gereisd om zijn weerpraatje-plus-sketch op te nemen. Het maakt van Pelleboer een fenomeen.

‘Pelleboer kon het op een heel mooie manier verpakken’, zegt weervrouw Harma Boer, één van zijn opvolgers bij RTV Noord. ‘Hij was de eerste die het weer begrijpelijk maakte voor mensen die er geen verstand van hadden.’ En Jaap Nienhuis, een andere opvolger: ‘Wij hadden nog geen buienradar. Wij hadden Pelleboer.’

Pelleboer kan als weer-zzp’er avant la lettre meer dan goed van zijn voorspellingen leven. Het Nieuwsblad van het Noorden wil hem graag in dienst nemen, maar Pelleboer bedankt vriendelijk. Hij zit boordevol creatieve ideeën, waar hij als freelancer prima mee uit de voeten kan.  Zo komt hij in de jaren tachtig ook zelf op de proppen met een eigen weerlijn. Drie keer per dag spreekt hij, gesponsord door TROS Kompas, op een bandje actuele weerinformatie in. À 50 cent per minuut draaien mensen 05907-5907, en zijn vervolgens weer helemaal op de hoogte. Het wordt een doorslaand succes. In 1987 wordt hem anderhalf miljoen gulden voor de weerlijn geboden, maar Pelleboer zegt nee. ‘Ik heb ‘m zelf bedacht en ik wil ‘m zelf in de hand houden’, zo luidt zijn motivatie.

Voorziet Jan Pelleboer zijn eigen dood?

Juist op het moment dat Jan Pelleboer in 1992 aankondigt het rustiger aan te willen te willen doen en bij opdrachtgevers her en der zijn vertrek aankondigt, slaat het noodlot toe. Op de ochtend van zaterdag 18 juli krijgt Jan Pelleboer een hartaanval. ‘Nooit ziek geweest en zomaar ineens was het ‘s morgens afgelopen.’ Maar net als met het weer, lijkt Jan Pelleboer zijn eigen dood te voorzien, zo vertelt zijn vrouw Jannie in de documentaire Hij was het weer van RTV Noords Pieter de Hart. Op de avond vóór zijn overlijden, hadden ze namelijk nog naar oude familiefilms zitten kijken. En een week eerder had hij haar nog meegenomen op een nostalgisch tripje naar zijn geboortegrond.  ‘Toen zijn we bij buren geweest en bij kennissen. Hij heeft mij nog de landbouwschool in Kampen laten zien. ‘Kijk in dat lokaal zat ik’, zei hij. We hebben die hele zaterdag in die omgeving gezworven. Of hij zijn dood heeft voorvoeld? Zeg het maar…’

 

Tekst Geert Jan Darwinkel en David Stolk, beeld archief Dorpsklanken en Beeldbank Groningen