Tijdens een persconferentie op 3 januari met onder andere demissionair minister van onderwijs Arie Slob werd duidelijk dat de basisscholen en het voortgezet onderwijs na de herfstvakantie weer open mogen. Een opluchting voor de vele onderwijzers en schoolleiders die de bui met thuisonderwijs alweer zagen hangen. De vervroegde sluiting voor kerst kwam voor velen als een verrassing en de verwachting was dat er na de kerstvakantie weer thuisonderwijs gegeven moest worden. Niets bleek minder waar, de scholen zijn weer lopen.

‘Natuurlijk ben ik er blij mee dat onze kinderen weer naar school kunnen,’ vertelt een ouder die op maandagochtend de kinderen wegbrengt. ‘Ik was inderdaad bang dat de jongens weer thuisonderwijs zouden krijgen en dat vergt nogal veel van ons gezin. Ook omdat wij opa en oma niet willen laten oppassen, gezien het besmettingsgevaar.’ Een andere ouder vertelt op zijn beurt dat van het thuiswerken dan weinig terechtkomt als de kinderen thuis zijn. Daarnaast vertelt hij dat zijn baas ook niet heel happig is op het thuiswerken. ‘Hij ziet ons liever naar kantoor komen.’

Obs De Veenvlinder is blij dat de scholen weer open mogen. “Ja, de blijdschap is zeer groot, we zijn opgelucht”, is de eerste reactie van adjunct-directeur Tessa Hanen. “Het blijft natuurlijk spannend met betrekking tot de hoge besmettingsaantallen in het land. Ik hoop dat het goed gaat. We doen er alles aan om besmettingen te voorkomen. We houden de ramen open, proberen afstand te houden en vanaf groep 6 dragen kinderen een mondkapje. Risico voor leraren? Het is niet nieuw. Corona speelt al heel lang. Door te vaccineren en te laten boosteren hopen we het te voorkomen. Verder blijft alles hetzelfde. Ouders mogen de school niet in, hoe jammer dat ook is. En kinderen testen twee keer in de week. Nee, we doen dit niet op school. Dat is de verantwoordelijkheid van de ouders.”