Het begon als een fantastisch feest in Boedapest, waar tienduizend Nederlanders de straten oranje kleurden. Na afloop was er een fikse kater onder de supporters na het verlies tegen Tsjechië. “De meeste Nederlanders doken meteen de kroeg in”, vertelt Kevin Hoekstra van de enige groep Eeldenaren die erbij was in het Puskas-stadion.

Maandagmorgen waren Nick van der Hoek, Pieter Gjaltema, Dave Gjaltema en Kevin Hoekstra op de terugweg. “Hoe het nu is? Slecht. We hebben een kater, een dubbele kater”, zegt Hoekstra namens de groep Eeldenaren, Maar ze kijken terug op een fantastisch weekend. “We hebben onder meer een bustoer gemaakt. Boedapest is een mooie stad. Er was een speciaal Oranjeplein en we liepen in een mars achter de feestbus aan. De Hongaren stonden voor de ramen en keken hun ogen uit. In het stadion heerste een geweldige sfeer. Tot de tegendoelpunten vielen. We hadden de nederlaag niet verwacht. Maar verliezen hoort erbij.” Ondanks de kater hadden de Eelder supporters dit niet graag willen missen. “Het was een hele mooie ervaring. Ik ben zelf niet eerder bij een EK geweest, ik zou zo weer meegaan.”