In deze rubriek zullen we, wederom, in de periode van april tot en met oktober aandacht besteden aan verschillende tuinen in Eelde-Paterswolde. Juist in onze plaats zijn er veel interessante tuinen te zien. De een besteedt meer tijd aan de zijn tuin dan een ander, er zit echter altijd wel een idee achter wat men met zijn tuin doet. Opvattingen over hoe een tuin er uit moet zien verschillen nogal. Dat maakt het ook boeiend. Veel mensen genieten erg van hun tuin.

Het is een kleine tuin aan de Kluivingskampenweg, die van Jan en Dineke Slangen, maar hij staat vol met een grote diversiteit aan planten, bloemen en groente. Het totale terrein met huis beslaat 286 m2. Opvallend is ook de boomstam die Jan er 30 jaar geleden heeft neergelegd. In 1974 is hij in Eelde komen wonen. Hij ging werken bij het toenmalige Onderwijscentrum voor land- en tuinbouw. Uiteindelijk werd hij accountmanager bij Terra Next. Hij was leraar in het hoveniersonderwijs, weet dus het een en ander van planten en tuinen en vertelt er met enthousiasme en gedetailleerd over. Hij is een rasechte Limburger, komt uit St. Odiliënberg. Hij wilde niet naar het westen vanwege de luchtverontreiniging. “In Limburg hadden we ook veel last van het stinkende Ruhrgebied. Ik had het soms ontzettend benauwd, ik wou gewoon weg. Hier is het goed.” In Eelde heeft hij, met een paar jaar ertussen waarin hij in Paterswolde gewoond heeft, altijd aan de Kluivingskampenweg gewoond. Eerst in de kost, later in een eigen woning. Zijn vrouw komt uit Groningen. Jan (69) doet in principe de tuin, zijn vrouw Dineke (73) helpt mee. De tuin heeft hij totaal veranderd toen zij aan de Kluivingskampenweg zijn komen wonen. Hij heeft geen gras in zijn tuin, daar houdt hij niet van, dat moet je maaien. Elk detail van zijn tuin beschrijft hij. “De oudste elementen zijn de bosbessen, de jongere zijn al uitgebloeid, dit is de categorie die begint in juni, dan moet ik er een net over gooien, want zo gauw als de groene bessen een beetje blauw beginnen te kleuren dan worden ze opgegeten door de merels.” Hij heeft gebakken klinkers bij het huis in zijn tuin. “Het water trekt er mooi doorheen.” De bomen worden geknot. Hij plantte ze 30 jaar geleden en ze zijn al behoorlijk groot. “Ik vind het mooi als ze geknot worden, dan wordt de boom dik.” De hele dag door kunnen ze in hun tuin zitten als de zon schijnt. Ze moeten zich dan wel steeds verplaatsen. Daarom hebben ze overal zitjes. Ook hebben ze voor en achter een regenton, het water loopt rechtstreeks de tuin in. Hij heeft ook een composthoop. Het tuinafval gaat in de compostbak, alleen wat takken gaan in de groene container. In de tuin heeft hij veel bodembedekkers, hortensia’s en geraniums. “De vroegbloeiende geranium macrorrhizum, ik vind die dingen stinken, heeft wel een mooi blad en dekt de bodem snel af en bloeit mooi. De hortensia’s hebben het afgelopen jaar een tik gehad, die heb ik dus teruggesnoeid.” Het voordeel van bodembedekkers is dat je niet mag schoffelen. En Jan houdt niet van schoffelen. “Dan schoffel je alles kapot. Alles wat je doet is wieden. De planten die je niet wil hebben trek je eruit. Ik schoffel nooit, ook niet bij de heg langs.”

Trots op de kweepeer
Hij kweekt laurier, Laurus nobilis, waar hij de bladeren van droogt. “Menige kennis van ons krijgt een potje laurierbladeren. Als mijn vrouw soep maakt, loop ik door de tuin heen, daar staat wat bieslook, hier staat knoflook, thijm, salie, wat rozemarijn. Hier en daar staat er wat, dat pluk ik en gaat zo de soep in.” Ook de daslook dekt de grond af, bloeit mooi, ruikt lekker en gaat in de soep. De soorten planten en groenten staan door elkaar in de tuin. Blauwe druifjes en bosanemonen staan overal. Op de kweepeer is Jan trots. “Een dezer dagen gaat ze bloeien, het is een juweeltje. Grote witte bloemen. Elk jaar hangen er 100 tot 200 kweeën. Niet van de heel grote, zoals we ze wel op school hadden. Ze zijn keihard, ze ruiken heerlijk. Vroeger werden ze gebruikt om in de linnenkast te doen. Je kunt er ook jam van maken, maar daar houd ik niet van.” De rabarberpollen staan er tussendoor, die komen nu op, net zoals de frambozen en aronskelken. In een hoek staan verschillende soorten helleborussen. “Ze bloeien vaak heel mooi donker en lopen uit in een rozeachtige kleur. Ze worden vaak gebruikt in natuurlijke bruidsboeketten omdat het een vrij stevige bloem is.” Aan de muur van het huis hangt een groot insectenhotel door Jan zelf gemaakt. Daar komen veel insecten op af. Hij heeft ook nog een apart groenteakkertje met uien en wortels. Daarvoor heeft hij een afgedekte platte bak. Hij gebruikt geen bestrijdingsmiddelen. Begin september gaat de familie Slangen verhuizen naar het appartementencomplex aan de Stoffer Holtjerweg. Dan hebben ze niet meer zo’n tuin. “Ik heb al gevraagd en toestemming gekregen om beplanting in een strook langs het huis te zetten.” De drinkbakken van basalt die hij zelf heeft uitgesleten gaan mee.