Het Internationaal Klompenmuseum zoekt een nieuwe secretaris. Inge Boon bekleedde deze functie, maar ze stopt ermee. Boon, die het tijd vindt voor iets nieuws, blijft als vrijwilliger wel betrokken bij het museum. De Eeldenaar kan de bestuursfunctie van harte aanbevelen.

In mei is Inge Boon vijf jaar actief als secretaris. Ze kwam in 2012 door een advertentie in Dorpsklanken bij het museum. “Het leek me leuk. Mijn eerste indruk was heel positief. De kracht van dit museum is de saamhorigheid van de mensen en dat heeft te maken met de unieke dorpshistorie. Het museum is voor en door de inwoners gebouwd”, vertelt Inge, die van oorsprong uit het Westen afkomstig is. “Ik weet nog dat er een huis aan huis-actie was voor een bijdrage aan het museum. Die actie heette ‘wedden dat het lukt’. Het unieke van dit museum is dat het klein is begonnen, met een verzameling van zeshonderd paar klompen en uitgegroeid is naar 2800 exemplaren uit 43 landen. Het museum zit niet op de beste plek. Het centrum zou beter zijn, dan ben je veel zichtbaarder.”
In het begin heeft ze eerst een tijdje meegelopen. “Je merkt dat er veel gebeurt in het museum. Het mooie is dat je in aanraking komt met alle onderdelen. Je krijgt een kijkje achter de schermen. Ik heb iets met oude ambachten. Als onze kleinkinderen hier komen en de film kijken krijgen ze er nooit genoeg van. Er is net een nieuwe versie van de film met animatie. Dat maakt het nog leuker.”
Als secretaris maak je onder meer notulen van de vergaderingen, je coördineert de vergaderingen, correspondeert met de 55 vrijwilligers die er werken en nodigt ze uit voor bijeenkomsten. “Het is heel divers. En je kunt meer dingen doen dan het secretariaatswerk. Je hebt bijvoorbeeld een educatiegroep voor kinderen, erg leuk. In november hebben we altijd een uitstapje, meestal naar een ander museum. Dan is er gelegenheid om met elkaar te praten. Normaal word je met twee personen ingeroosterd voor een dienst en zie je de andere vrijwilligers niet zo vaak. In de coronatijd hebben we belrondes gedaan, om contacten te onderhouden en dat wordt zeer gewaardeerd. Het bestuur is een leuke groep mensen. Ik had wel eens een keer dat ik van tevoren geen zin had om heen te gaan. Eenmaal in het museum was het zo gezellig dat ik met een heel goed gevoel weer naar huis ging. Het zou goed zijn als er wat jongere mensen bij zouden komen, ook met het oog op de toekomst. Kennis van een computer is wel handig en communicatievaardigheden, maar in principe kan iedereen het. Ik stop als secretaris omdat ik meer tijd wil hebben voor andere dingen. Maar ik blijf wel betrokken bij het museum. En ik sta de opvolger graag bij. Je staat er nooit alleen vo