Harry Wessels is om de veertien dagen in het ‘Elsje’ om oudere mensen te verblijden met muziek. Wessels heeft altijd al wat met muziek gehad, maar ook met fotografie. Een portret.

Harry Wessels is opgegroeid in Groningen. “Toen ik uit militaire dienst kwam ben ik op de fiets rond gaan rijden en heb aangebeld bij zaken voor het vinden van werk. “Fotozaken, want dat was en is een hobby van mij. Ik heb uiteindelijk drie fotozaken gehad en uiteindelijk de winkel van Piet Boonstra overgenomen. We wilden een huis kopen in Groningen, maar het was raar geregeld. Je moest een gezin hebben met kinderen om in aanmerking te komen voor een woning. Toen hebben we in Eelde rondgekeken en een huis gevonden aan de Kamperfoelieweg. Daar hebben we 25 jaar gewoond. Vervolgens woonden we lange tijd aan de Westerhorn, naast Geert en Hennie Nijdam. Inmiddels genieten we alweer jaren van onze vrijstaande woning aan de Wolfhorn. Naast fotografie, doe ik veel aan tuinieren en sporten. Ik fiets veel, wandel en ben actief met spinning bij Sportrade. Ik ben alle dagen in beweging.”
Liedjes van vroeger
“Sinds enkele jaren verzamel ik liedjes van vroeger, waarna het ‘muziekuurtje’ ontstond. Het idee heb ik uit Maartenshof. Een bekende van mij moest daar revalideren en daar hadden ze ook zo´n muziekuurtje zoals in Symphonie. De nummers die gedraaid werden kwamen uit een muziekboek met wel honderd liedjes. Dat inspireerde mij en zo heb ik het verder ontwikkeld. Drie jaar geleden raakte ik in gesprek met Linda Bakker van de activiteitencommissie van het Else van der Laanhuis. Ik dacht: ik word straks 73 jaar (red. afgelopen zaterdag), wat voor moois kan ik doen voor anderen? Die mensen zitten daar ook maar in een tehuis. Er was al bewegen op muziek. En de muziek daarbij greep me aan. Ik deed Linda het voorstel om muziek te gaan spelen.” Harry gaat dan los, want net als tijdens het muziekuurtje kan hij zich niet stilhouden. En dus begint hij voor de telefoon spontaan de liedjes te zingen. Van ‘Niemand laat zijn eigen kind alleen’ (Willy en Willeke Alberti), ‘Ik sta op wacht’ (Joop de Knegt), ‘Ik heb eerbied voor jouw grijze haren’ (Gert Timmerman), Dúúú (Peter Maffay) tot ‘Hij kon het lonken niet laten’ (Wim Sonneveld). Stuk voor stuk herkenbare nummers voor ouderen, die herinneringen oproepen. “Ik heb geen microfoon, maar zing gewoon mee. Ik heb inmiddels een heel nieuw muziekboek. Verder download ik nummers van YouTube en Spotify. Daar zoek ik de nummers uit en dan speel ik ze af op mijn IPad en heb een Bluetoothspeaker. Op het muziekuurtje komen altijd zo’n dertig mensen. Met koffie en thee, dat uurtje is een echt feestje. Je ziet dat mensen er blij van worden en ik zelf ook. Muziek doet zoveel goed voor mensen. Het haalt mensen uit het isolement. Omdat je sinds kort niet meer in het gebouw mag, bedacht ik: wat kan ik in Coronatijd doen? Toen heb ik Anne Doedens gebeld, waarmee ik in het Shantykoor zat. Hij deed altijd reparaties voor mij. Hij was meteen enthousiast toen ik vroeg of we buiten muziek konden maken. Hij heeft de apparatuur. De optredens werden warm ontvangen. Maar wanneer de Coronatijd voorbij is hoop ik weer het uurtje op woensdagmorgen te hebben. Tot dan toe is het improviseren en één keer in de veertien dagen buiten spelen.” Harry Wessels toont een filmpje, gemaakt door zijn schoondochter, die met haar kinderen eventjes bij hun opa gingen kijken. “Je zag door de ramen dat mensen de polonaise deden. Het ontroert gevoelsmens Wessels: “Ik vond dat zóó leuk.” Foto Johan Wolfard